meta name="viewport" content="width=device-width, initial-scale=1.0">

Tandemtour 2002

Tiny en Anton samen op de tandem door Noordoost-Duitsland en langs de Elbe

Tiny, stamgasten en het bedieningsvenster
Tiny, stamgasten en het bedieningsvenster
Intens genietend van de stilte rijden wij langs de bosrand en later af en toe met een klimmetje door het bos
Later kruizen wij de Mulde weer en rijden wij langs de andere oever naar Rosswein. Voorbij Rosswein rijden we door een recreatiegebied, weer de brug over naar de rechteroever. We besluiten daar bij een Gasthaus wat te gaan eten. Omdat het, wat ik ben vergeten te melden inmiddels weer mooi weer is, nemen we plaats op een lommerrijk terras en bestellen daar wat te eten en drinken daarbij een glaasje regionaal bier. Het eten en drinken wordt door ons besteld door het hiernaast zichtbare openstaande raam. Daarnaast zijn twee stamgasten te zien die van drankgebruik een beroep hebben gemaakt.


We laten het eten en drinken ons goed smaken en genieten van de hele entourage, het gedateerde meubilair, de bomen , het uitzicht en de beide, een bijna onverstaanbaar Duits dialect sprekende stamgasten. Uit dankbaarheid besluit ik enkele Hollandse liederen ten gehore te brengen, mezelf begeleidend op de Duitse Concertina, hetgeen mij al snel een groot glas pils opleverde.
Zo gaan wij na verloop van tijd, gelaafd en verkwikt verder en rijden door naar Döbeln. Daar zouden vrienden van de fiets wonen en we zouden wellicht kunnen proberen onderdak te krijgen, hoewel het voor ons altijd moeilijk is van tevoren te bepalen hoe laat en zo we zullen aankomen en daarom dus maar op de bonnefooi proberen.
Zondagsrust in Döbeln
Zondagsrust in Döbeln
Eenmaal in Döbeln aangekomen en na enig de weg vragen komen wij al snel bij de familie aan. In een straat met veel leegstaande woningen wonen zij in een groot meerdere verdiepingen tellend huis. Prachtig!
Echter pa en moe zijn naar een concert toe en dochterlief is alleen thuis
Eerst ziet het er slecht uit en lijkt het er op dat we verder zullen moeten trekken, maar na enig telefonisch overleg, wordt besloten dat wij de nacht op de (grote) slaapkamer van de studerende zoon de nacht mogen doorbrengen. Aldus geschiedt en we worden de volgende ochtend weer op tijd wakker.
De vrouw des huizes is dan al weer naar haar fysiotherapiewerk in Dresden toe. De heer des huizes is evenwel nog thuis en bereidt ons een uitgebreid ontbijt en vertrekt daarna naar zijn werk, eigenaar van een aannemersbedrijf, dat, vanwege de in Oost-Duitsland heersende malaise, zijn werk vindt, ver weg in Rheinland. Wij zijn toch wel verbaasd dat er, hier in het oosten waar nog zoveel te doen is, geen geld, dus geen werk te vinden is. Als we achteruitkijken naar de binnentuinen, zijn deze geheel overwoekerd en de huizen grotendeels onbewoond.