
Zondag 2 juni
Bittkau - Prietsyn
Het is echt mooi weer vandaag volop zon en vijf en twintig graden
Na de tent te hebben afgebroken en alles ingepakt hebben we een stevig ontbijt te hebben genomen in het restaurant van de camping zijn we daarna welgemoed vertrokken richting Magdenburg.
Het was een mooie tocht en de Elbe kwam steeds meer in zicht.
Opvallend veel acacia's groeien hier. In Ringfurth was, naar bleek, een winkel open, waar Anton een fles frisdrank kocht. De winkel was, te oordelen naar het assortiment en eigenaar (een overigens vriendelijke man) nog een relikwie uit vervlogen DDR-tijden..
Relikwieën uit deze tijd kwamen we nog meer tegen zoals in de bossen voorbij Bertingen: een vakantiekamp uit die tijd; geheel verlaten.
Gelukkig was het mooi weer, ware de duisternis al vallende geweest en trokken de mistflarden rond de bomen, dan was het kippenvel al tot in de nek geklommen. "Unheimnisch" is het juiste woord daarvoor.

Hier doe je het allemaal voor
Maar zoals gezegd het was mooi weer, alleen moest we op dit stuk flink sturen omdat het fietspad flink zanderig was. De route voerde ons hier door dennenbossen en langs een dode stroomarm van de Elbe. Toen we ook een mooi plekje zagen besloten we ook hier even van onze rust te genieten.
Aan alles komt een eind, ook aan dit genieten, dus we fietsten we na een uurtje verder naar Rogätz.In Rogätz zijn we met het veer de Elbe overgestoken (1.60 Euro).
We fietsten richting Burg in de hoop daar een mooie stad te treffen waar we wat konden gebruiken. Helaas, helaas er viel niets te beleven, alles dicht, zelfs het Italiaanse Eiscafe was een plaats om weer snel te vergeten.
In ieder geval een goede reden om deze plaats weer snel te verlaten, jammer van de omweg die we gemaakt hadden. Bij de brug over het Elbe-Havelkanaal bij Niegripp was een restaurantje waar we een versnapering namen. Voorbij Hohenwarthe namen we een hindernis in de gedaante van een zeer hoge brug over het Mittellandskanaal in aanbouw. Van boven af gezien een imposant bouwwerk. Daarna kruisten we de autobahn en kwamen we met een draai weer op de Elberadweg . Hier een tamelijk smal fietspaadje wat behoorlijk omhoog ging. Andere fietsers liepen naar boven, maar wilden ons niet laten kennen en trapten ons in een keer naar boven. Boven aangekomen blikten wij vooruit in de richting van Magdenburg.
Anton als vertekijker
Dat het toch nog een behoorlijk eindje rijden merkte we later, maar eerst kregen we een afdaling die wel een beetje lastig was vanwege de tegemoetkomende fietsers.
Trouwens, het zou voorlopig een van onze laatste klimmetjes zijn want de route is tot aan Dresden opvallend vlak.

Zicht op Maagdenburg
Eenmaal in Magdenburg aangekomen viel ons de stad wat tegen, (veel nieuwbouw) tussen oude kerken, nieuwe trams en mooie parken en natuurlijk de Elbe. We probeerden in Magdenburg nog onderdak te vinden, een fietsvriend, maar helaas troffen we op het adres, nota bene midden in de stad alleen de dochter des huizes aan en die dorst het niet aan ons binnen te laten. Dus was het eind van het liedje dat we Magdenburg al weer sneller verlieten als dat onze bedoeling was. Door het park wat als bij veel Duitse Elbesteden langs de oever van de Elbe lag. Het was er erg druk, als overal, langs de Elbe.
Van de andere kant bekeken
We reden langs de oostelijke oever verder richting Gommern waar, volgens de kaart meer campings waren dan hier in Magdenburg. Het was nog een heel stuk. Maar ach het was mooi weer en we hadden de wind in de rug. We hadden er behoorlijk de sokken in. Tiny vond het tamelijk heftig zo boven op de dijk fietsen, op twee smalle betonstroken fietsen, dagjesmensen op de fiets inhalend en uitwijkend voor andere tegemoetkomende fietsers, gelukkig was de tussenstrook bestraat met steentjes waar het gras doorheen groeide, zodat het wisselen van baan niet al teveel problemen opleverde. Wat extra stuurmanskunst waarschijnlijk. Al met al riep dit gedeelte van de route wel achtbaan gevoelens op bij Tiny. Eenmaal in Plotsky (een stadje voor Gommern) aangekomen viel het nog niet mee om een camping te vinden. Zag je campings: bleken ze gesloten voor gewone kampeerders, vroeg je mensen zeiden ze dat er helemaal geen campings meer waren in de buurt. Uiteindelijk vonden we toch nog een camping waar we onze toevlucht moesten zoeken op een schamel plekje onder dennenbomen. We moesten om te beginnen een mud dennenappels oprapen om daar niet al teveel last van te hebben tijdens de nacht.
Toen we onze tent hadden opgezet moesten we nog ergens wat eten, maar waar? Hier op de camping was in ieder geval niets, daarom informeerde wij bij de beheerder waar ergens een restaurant was. Hij raadde ons een Gaststätte in Prietsien aan een paar kilometer verderop. Het was nog een tamelijk ingewikkelde route om daar te belanden, maar wonder boven wonder reden we er zo op aan. Het was een leuk restaurant, waar op de binnenplaats een paar picknicktafels stonden. We bestelden een maaltijd en lieten het ons goed smaken. We bedachten dat het misschien ook mogelijk was om hier te ontbijten. Toen we gingen afrekenen, bleven we nog even praten en kregen nog een paar borreltjes van het huis aangeboden. Het werd zo nog even erg gezellig en we reden daarna in eerste instantie licht slingerend terug naar de tent en hadden daarna nog een goede nacht.
Deze pagina is voor het laatst bijgewerkt op: 02-11-2005 om 07:25:20