
Maandag 10 juli
Chartres – Frêteval
Het beloofde weer een stralende dag te worden, dus weer vroeg op pad.
Al snel zagen we alweer de eerste sticker waardoor wij wisten terug op de St-Jacobsroute te zijn aanbeland.
Het valt ons op dat hoe verder we komen in Frankrijk hoe beter de route gestickerd is. D.w.z. dat in geval van twijfel altijd kan worden gezien wat het rechte pad is. Wil je route blijven volgen? Volg de sticker op paal of bord
Eenmaal uit de vallei van de Eure was het profiel van het landschap dusdanig dat wij vrij eenvoudig de kilometers onder ons wegtrapte. Heel veel korenvelden afgewisseld met akkers met het goudgeel van bloeiende zonnebloemen.
Verder kwamen we nog door menig dorp het ene nog schilderachtiger dan het andere. Hier en daar een Chateau. Kortom voor elk was wils
Vlak voor Bonneval passeerde wij het tracé van de TGV waar Gemma nog een foto van wou maken, wat niet meeviel, want die dingen gaan nogal snel.
Ik weet niet of dat komt door hun naam Train de Grande Vittesse of net andersom.
Volgens mij is dat “net andersom” de reden is, anders had ik ons voertuig ook zo genoemd. Hoewel, Arie roept telkens als wij bij een afdaling voorbij stormen om de volgende helling sneller te kunnen nemen;
"Hé, daar gaat de TGV!"
We reden hier vlak langs de Loir, met erven van buitenverblijven aan het riviertje. Ik vroeg me af hoe het zou zijn in geval van overvloedige regenval. Zou niet anders kunnen of men zou dan last van een overvloed aan water hebben.
Zo kwamen we in het centrum van Bonneval met een zijn opvallende oude poort. Wat mij opvalt in Frankrijk dat zulke oude bouwwerken in tegenstelling tot in Duitsland en Nederland heel vaak niet gerestaureerd zijn.
We stapten bij de poort van onze fietsen want de doorgang werd belemmerd door de markt.
Het valt ons wel op dat de Franse markten veel groenten en fruitkramen, maar ook kramen waar men gegrilde, kip, eend en konijn te koop aanbiedt.
Eenmaal over de markt lopend was het wel handig om gelijk wat fruit en dergelijke te kopen.
Ik kon de verleiding niet weerstaan, om een paar gegrilde eendeboutjes te kopen. Welke ik later zelf heb moeten opeten, omdat Tiny daar geen trek in had. Zij houdt niet van kluiven.
Terry in de Doggyride kreeg ruimschoots aandacht van het winkelende publiek. De Fransen blijken opvallend hondvriendelijk.
Hetgeen ook valt te constateren als je door dorpen en buitenwijken rijdt hoewel dat feit op zich niet direct van hondvriendelijk gedrag hoeft te getuigen, maar veeleer maken heeft met ongewenst bezoek.
Zo laten wij vaak, al fietsend, een spoor na van blaffende honden. Gelukkig is Terry zo doof als een kwartel anders zou hij misschien nog hebben gereageerd op al deze hondse aandacht en dan was het geblaf helemaal niet van de lucht geweest Nu beperkte hij zich tot periodiek gepiep achter onze rug. Hetgeen ook behoorlijk kan irriteren, vooral als je bezig bent met een stevige klim.
Wat ons overigens ook opgevallen is in de jaren dat wij onze vakantie op de tandem doorbrengen:
Dat elk dier wat je hoopt te kunnen bespieden in zijn natuurlijk habitat, het op een lopen dan wel vliegen,zet. Terwijl het gevaar niet schuilt in ons vervoer, maar eerder in dat monster op vier wielen, getuige de talloze ontzielde lichamen van gevogelte en kleine zoogdieren.
Het overstekend groot wild zagen we dit jaar slechts op witte driehoekige borden met rode rand.
Dat was een aantal geleden in de VS wel anders, want op de route die we daar hebben gefietst zag je tenminste ook groot wild in alle staten van ontbinding. Van vers tot aan flarden gereden, vaak herten, gelardeerd met een afgrijselijke lijklucht..
Ik geef toe dat deze dieren niet meer weglopen, maar als u het ons niet kwalijk neemt, gaan we niet over tot een nadere observatie als de hersens van onderhavig aangereden wild vastgekoekt liggen op het gloeiend hete asfalt..
Maar waar was ik ook al weer?
O, ja we liepen over de markt en deden daar wat inkopen, met het doel verderop even een koffiepauze te houden.Ik kocht bij een bakker vier lekkere gebakjes voor bij koffie
Gemma scoorde nog een stempel voor haar pelgrimsboekje, waarbij zij werd meegevoerd, maar ook terugbezorgd werd door een vriendelijke Fransman .
Als we niet veel later Bonneval weer verlaten, kunnen wij nog ternauwernood langs een plaats waar aan de weg wordt gewerkt, maar ook dat lukt weer.
We verlaten de route omdat we denken dat langs de oever van de Loir eerder een mooi plekje te vinden voor de koffiepauze.
En ja hoor, even verderop is een mooi parkje met picknicktafels onder schaduwrijke bomen.
We drinken onze koffie en eten met smaak het gekochte gebak.
Als we verder rijden hebben we de stille hoop dat we de Loir kunnen blijven volgen zodat we niet om de haverklap op de trappers moeten om een klim te verwerken om vervolgens aan de andere kant weer een vrije val te maken.
Maar hier in dit gedeelte Frankrijk doen ze daar niet aan. De weg zoekt hier elk huis op!
We hebben daarom geen reden om onze eigen route te zoeken, dus maar weer op de pedalen en treffen niet lang daarna weer de eerder genoemde stickers.
De route maakt bij het dorp Placey wel een hele vreemde beweging. Eerst steken we de N10 over naar Placey om deze vervolgens een paar honderd meter verderop weer over te steken, richting St-Christophe, dan weer omlaag naar de Loir. Dan weer klimmen, om bij Donnemain St-Mames na een stevige afdaling weer de zijrivier de Conie te passeren. Vooral met deze warmte zijn we altijd weer blij boven te zijn.
Zo komen we rond het middaguur in Chateaudun aan. Daar in houden we een welverdiende pauze op het centrale plein. Gemma koopt zowel een zoete als een hartig broodje, als kennelijke “wiedergutmachung” van de door mij in Bonneval verstrekte tractatie.
Ik kan na in ieder geval na consumptie van beide traktaties geen pap meer zeggen.
“Pap”, probeer ik. Dat valt dus nog mee!
Later bezichtigen wij nog de donjon van deze stad een hele oude uit de twaalfde eeuw.
Talrijke zwaluwen maken dankbaar gebruik van dit voorwerp van goede nestgelegenheid, want het is een af en aanvliegen van deze Afrikagangers.
Dan moeten wij van onze routebeschrijving door een smal straatje een steile afdaling maken, met als extra attractie is daar een trap in opgenomen. Die nemen we echter zonder al te veel moeite.
Beneden aangekomen wordt ons succes toegewenst door een groep Vlaamse wielrijders. Zoiets voorspelt meestal weinig goeds en dat klopt ook, want een steile klim is ons deel
Maar, zoals altijd komen we fietsend boven!
Bij Douy mogen we de Loir weer oversteken en na een kleine klim komen we in Cloves sur le Loir aan.
Voorbij dit stadje over de N10 heen mogen we zowaar een tijd langs de Loir blijven fietsen!
Waardoor we al snel bij Frêteval aankomen, waar een camping municipale al snel is gevonden. Een camping waarvan we later merken dat deze erg goedkoop is!
Vrij douchen en een goede plek en dat slechts voor €4,35 Niet alleen de prijs is klein, merken we de vliegjes ook en deze steken venijnig.
Aan de lijve ondervind ik dat, wanneer ik op een plekje achteraf, wil gaan musiceren. Had ik nu een staart gehad met een efficiënte lengte, dan had ik het wel gered en spelen en vliegenmeppen....
Nu droop ik snel weer af! Niet met de staart tussen de benen, want die heb ik dus niet.
Ik maakte nog een wandeling door het dorp, in de hoop dat er behalve brood ook nog wat andere boodschappen vielen te doen
Boven op de heuvel stond een ruïne, maar zag er van af om deze nader te gaan bekijken. Bij de gedachte brak het zweet me uit. In plaats daarvan nam ik een kijkje in de, naar ik in de routebeschrijving las, eeuwenoude St-Nicolaaskerk.
Deze pagina is voor het laatst bijgewerkt op: 04-08-2006 om 02:24:53