
Vrijdag 7 juli
Cires les Mello – Mezieres Chaufour.
De volgende ochtend weer vroeg vertrokken, we hadden besloten terug te rijden richting Cires les Mello en dan vandaar uit richting Foulanges en St-George te fietsen en zo bij Cauvigny weer verder te rijden over de St-Jacobsroute.
Als we in Cires les Mello zijn kunnen wij gelijk weer aan de bak. Klimmen was het devies, een klim die nog langer doorliep dan verwacht.
Eenmaal bovenop waren we al snel bij Foulanges.
Voor en boven op de heuvel was het kerkhof en het leek ons wel aardi zo'n kerkhof eens te gaan bekijken. We waren er inmiddels al zoveel gepasseerd. Het was typisch een Frans kerkhof, ommuurd en verzorgde graven, maar aangezien het spookuur al voorbij was hielden de bewoners zich rustig.
Daarna de helling afgesuist ,maar we knepen in de remmen toen we bij het kerkje aankwamen,even proberen of we ook een kijkje in het kerkje konden nemen.
Helaas dicht, doch niet getreurd, zou waarschijnlijk niet de laatste kerk zijn die we van binnen bekijken, alhoewel ik persoonlijk meer gecharmeerd ben van dergelijke dorpskerkje, dan van grote kathedralen.
Persoonlijk stel ik het meer op prijs, dat mijn eigen God, die in mijzelf woont, zich te manifesteerd in de kathedraal van de natuur, waar (schijnbare) rust en vrede heerst. Tenminste als je de verstandhouding tussen roof- en prooidieren symbiose noemt
Na een flinke afdalin kwamen we op de weg bij St-George terecht, daar eenmaal aangekomen moesten we enige malen van de fiets en omtrekkende bewegingen maken vanwege wegwerkzaamheden, maar daardoor werden niet al te veel opgehouden
Meer oponthoud gaf de klim naar la Fusee, welk een klim van zo’n drie kilometer lang was. Vervolgens weer een afdaling naar St-Genieve.
Daar kochten we brood om vervolgens aan de overkant in een Tabac een kop expresso te gaan drinken.
Vandaar reden we over Andeville naar Meru.In Meru aangekomen bleek daar marktdag te zijn, opmerkelijk was dat de markt veel Afrikaanse bezoekers telde, waarvan, met name de vrouwen, in de meest prachtig gekleurde gewaden rondliepen zoals we eigenlijk alleen van de Afrikaan gewoon zijn.
Wij liepen even over de markt, Arie bleef achter bij de fietsen eant hij hield liever een oogje in het zeil, want ja een markt heeft meestal ten doel dat de uitgestalde waar tegen betaling van eigenaar wisseld, maar er zijn altijd mensen die denken dat het ook mogelijk moet zijn, zonder dat daarvoor een betaling wordt verricht. In de volksmond worden zulke mensen wel "Jantjes Met De Losse Handjes"genoemd
Het spijt me, dat moeten constateren, maar ook in Frankrijk schijnen mensen te wonen, die zulk een bedenkelijke moraal koesteren. Waarmee het bewijs maar weer eens geleverd is, dat zelfs, wanneer men prachtig Frans spreekt, men nog geen een betere mens hoeft te zijn!
Ik gaf zelf uiteraard het goede voorbeeld en kocht wat Franse kazen bij een kraam, nadat ik eerder het aanbod van een andere koopman had afgeslagen om een voorverpakt gerecht bij hem te kopen. Tiny stond zelf wat huiverig tegenover dit aanbod, daarom verwierp ik mijn aanvechting het product te kopen.
Even later zochten wij door de nauwe straten van deze stad ons weer een uitweg uit Meru.
We kwamen er al snel achter dat wij onder een viadukt door al weer snel in de pedalen moesten.
Voorbij de A16 was een lange rechte weg, richting Henonville, in lichte afdaling waar we min of meer over heen vlogen. Heel merkwaardig dat het soms moelijk is om de gewenste snelheid vast te houden en dan zomaar opeens een nauwelijks merkbaar dalende weg met gangetje van tegen dertig over te denderen. Op dat moment waren wij voor Gemma en Ariew niet te achterhalen, daarom besloten we op de kruising bij Henonville maar even op ze te wachten
Eenmaal in Henonville besloten we op het dorpsplein tegenover het Chateau de Henonville onze middagpauze te houden.
Het bleek dat we daar nog wat inkopen konden doen. Brood en wat andere levensmiddelen.
Zo zetten wij thee en lunchten wij daar in de schaduw van de lindebomen met uitzicht op de helling welke wij later na het eten hadden te nemen. Deze klim echter was nog maar een voorproefje van wat ons te wachten stond.
Veel klimmen en dalen, maar de beloning is altijd weer genieten van mooie vergezichten. Dat wel!
Daarna volgden we de route door een landschap waar klimmen en dalen meer tot de regel dan tot de uitzondering behoorde.
Eenmaal in Ruiel had ik weer hetzelfde euvel als wat ik gister heb meegemaakt.
Weer de ketting klem, weer gefikst en weer een Fransman die mij de gelegenheid bood mijn handen te wassen.
In dit geval troonde hij me mee naar zijn garage.
Opmerkelijk was wel dat klim van Oinville sur Montcient, meer was dan zomaar een klim, althans een waarschuwing over de lengte en zwaarte was in de routebeschrijving op zijn plaats geweest. Niet dat zoiets echt helpt, maar toch, je kan je daardan in ieder geval mentaal op voorbereiden….
Aan de andere ging de weg weer in een soort vrije val richting Gargenville.
Daarna volgde de oversteek over de Seine, waar het gezien het tijdstip het verkeer behoorlijk heftig was. Zo druk dat wij er voor kozen om het gedeelte pver de bruggen te voet af te leggen.
Aan de overkant in Mézieres aangekomen kwamen wij tot de conclusie dat het wel mooi was geweest. De volgende camping lag voorbij (weer) een klim van drie kilometer met een aangegeven hellingspercentage van zeven procent.
We waren door warmte en het gesjouw een beetje aan het eind van ons Latijn. Bovendien pakte donkere wolken zich boven ons hoofd samen, bovendien bleef ik, door een onverwachte beweging weer met mijn voet in mijn klikpedaal hangen, Daardoor rolde wij weer om waarbij ik mijn knie behoorlijk beschadigde door de ruwe aanraking met het asfalt.
Wij besloten nu dat we deze nacht in een hotel zouden doorbrengen, welke niet moeilijk te vinden waren want deze waren op een steenworp afstand
Deze nacht brachten wij door in een Campanile hotel, we kozen voor dat hotel omdat we daar ook een restaurant bij was.
We schreven ons in en konden onze fietsen met kar, bagage en al in een zaaltje zetten voor de nacht.
Toen we ons hele hebben en houden eenmaal binnen hadden gezet en weer het hotel binnenstapten, begon het te hozen.
Als dat geen vingerwijzing Gods is ,dan weet ik het niet meer!
Na ons te hebben gedoucht en omgekleed, verlangden wij naar een hapje eten en het werd best nog weer even gezellig.
Maar aan alles komt een eind,ook deze dag, daarom zochten wij onze kamers op om op een echt bed van een welverdiende nachtrust te genieten.
Deze pagina is voor het laatst bijgewerkt op: 15-08-2006 om 15:40:55