Het is maar wat je rust noemt!
Mijn neef Hans Dorrestijn geeft in zijn "Vogelgids" flink af op de merels vanwege hun luide gezang. Zoveel irritatie als bij hem, roept het bij mij niet op, maar ik moet toegeven dat zij deze ochtend flink tegen elkaar aan het opbieden waren.
Op zo'n moment ben ik blij dat men ooit voor de koekoek heeft gekozen om deze in de naar hem genoemde klok te stoppen en niet voor de merel. Bovendien bekt merelklok ook een stuk minder lekker als koekoeksklok.
Maximaal twaalf keer de roep "koekoek", twee maal daags, dat valt te overzien, maar op welk acceptabel moment breek het gekweel der merel af?
Maar wat praat ik, wij hebben geeneens een koekoeksklok, laat staan een merelklok!
In ieder geval geen wonder dat wij al rond zeven uur besloten op te staan als vier á vijf merels tegen elkaar hoort opbieden
Het was nog wel bewolkt, maar droog en de zon deed in de loop van de dag stevige pogingen door het wolkendek te breken, wat haar, toen wij eenmaal in York waren, daadwerkelijk lukte.
Zover was het echter nog niet eerst hebben we op ons gemak ontbeten waarna wij ons kampement opbraken.
Omdat we onze overnachting de avond daarvoor al hadden betaald, konden we zonder gewetenswroeging de poort uitrijden en pikten even later route 65 weer op richting York. Onze rit verliep voorspoedig, rustige wegen en wind in de rug, terwijl het terrein slecht lichte golvingen had, waarbij spoorwegviaducten het ritme nog het sterks onderbraken.
We speurden al snel (zonder al te veel verwachting, want maandag) op zoek naar een gelegenheid om koffie te scoren, maar daar slaagden we pas in bij bakkerij annex breakfast/lunchroom in Easingwold.
De fietsroute voerde meestal over rustige landwegen, dus weinig barricaden en daar reken ik spoorviaducten niet toe hoewel wij toch ettelijke malen dezelfde spoorweg op deze wijze moesten oversteken.
De route voerden ons slingerend door de Yorkshire Vale.
In Linton on Ouse keken we nog of we daar een tweede bakkie koffie konden krijgen, omdat een groot bord ons opriep vooral naar de pub te komen. Daar aangekomen bleek deze echter gesloten, zodat mij niets anders restte dan een paar foto's van dit typisch Engelse dorp te maken. Wij vroegen ons af waarom men dan zo'n bord niet even weghaalt of daar openingstijden bij vermeldt.
Edoch York was niet ver weg meer, zo'n tien mijl en dan zouden we het wel weer inhalen en inderdaad nog één maal kruisten we de spoorweg, maar nu onderdoor daar stond weer eens een (redelijk)hekje.
Mijns inziens vrij overbodig omdat het zo smal dat twee fietsers elkaar slecht konden inhalen als zij uiterst links hielden. Met als bijkomstigheid dat de brandnetels aan beide zijden uitbundig groeiden, bovendien waren de bermen hier en daar behoorlijk dras.
Overigens was het een mooi pad langs de Ouse en reden we al spoedig het centrum van York. De route volgen over de spoorbrug naar de overzijde was voor ons een heel gedoe dus deden we daar niet aan mee, maar bleven aan oostoever van de rivier fietsen.
Echter daar werd onze tocht even gestuit, een politieagente hield ons staande vanwege op hand zijnde saluutschoten die vanuit een belendend park zouden worden afgeschoten, ter gelegenheid van regeringsjubileum van de Britse vorstin. Een oorverdovend saluut moet ik zeggen, maar ja traditie en Engeland zijn één.
Toen ze eenmaal hun kruit hadden verschoten mochten wij verder, maar nu even niet dachten wij, want op moment waren mannen bezig stoeltjes en tafeltjes op te stellen en begon de zon te schijnen en leek ons dit het uitgelezen moment om koffie te bestellen, vergezeld van appelpie met ijs! We lieten het ons smaken en hadden even weer erg vakantie. Dit zijn voor ons namelijk de vakantiemomenten,in een dergelijk decor met bijpassende versnaperingen. Dit alles met de klanken van de militaire kapel op de achtergrond: wat wil een mens nog meer!
Maar aan alles komt een eind, dus ook aan dit genieten, het leek ons een goed idee om eerst maar een camping op te zoeken, dan zouden we daarna wel terugkomen in de stad om deze beter te bekijken.
Gelukkig konden wij bij de brug eenvoudig omhoog en daarna over de brug naar de andere oever, om vandaar de route weer op te pikken. Wij mengden ons even in het hectische stadsverkeer, maar al snel was dit weer over.
We kwamen weer langs de andere oever van de rivier aan en reden deze verder in zuidelijke richting.
Verderop langs de rivier bij Bishopsthorpe moest volgens onze kaart een camping zijn, maar toen we even verderop reden zagen we een camping die niet op onze kaart stonden, al met al niet zover van het stadscentrum.
Echter toen wij ons bij de receptie meldden bleek dat we niet welkom waren en men liet dat op een merkwaardige manier merken. De vraag was hoe groot onze tent was. Ons antwoord daarop was dat we niet zo'n kleine tent hadden omdat wij op onze leeftijd toch wel enig comfort wilden en wij met onze tent het compromis hadden gezocht tussen formaat en gewicht. Nou, we waren wel welkom geweest als we met een heel klein tentje waren gekomen!
Zo kan je het ook brengen, maar het leek ons verdacht veel op een smoes en een onverbiddelijke afwijzing als fietkampeerders.
We haalden onze schouders maar eens op en reden verder in de hoop dat de camping verderop ons niet eveneens zou weigeren. Wel jammer want vanaf een camping zo vlak bij de stad ga je gemakkelijker even nog even de stad in.
Is het tien kilometer verderop, dan bedenk je je nog wel eens een keer.
Zo reden verder en even buiten de std troffen we nog een caravancamp waar Tiny nog een poging, maar ook zij waren onverbiddelijk.
Gelukkig waren we op de camping bij Bishopthorpe wel welkom, nota bene voor slechts zes pond per nacht, dus sloegen we onze tent daar op.
Daarna gingen wij in het dorp kijken of we ergens wat eten konden, wat hadden sinds vanmorgen nog niet gegeten en hadden onderhand trek gekregen. Eerst geld pinnen, maar dat bleek in dat dorp zelf niet mogelijk.
Gelukkig was er een stukje verderop een tankstation waar dit wel kon. Daarna bij de dorpswinkel nog wat inkopen gedaan, toen wij vervolgens bij de pub informeerde om iets te eten bleek de keuken gesloten evanals bij de andere pub, dus gingen wij terug naar de camping en behielpen wij ons met een cup-of-soep.
Om zes uur zijn we weer teruggegaan naar het dorp en hebben daar alsnog gegeten en lieten ons de haddock goed smaken.
Zo kwam alles nog goed en hebben verder een rustige avond gehad, met een glaasje wijn en een stukje kaas.