Wij vertrekken vandaag met schitterend weer, wij hebben geen haast omdat we onze vakantie beginnen op Texel.
“Texel”, ik zie u de wenkbrauwen al fronsen, “jullie gingen toch naar Engeland, Texel is een ander eiland “??!
Klopt, ik begrijp de verwarring omdat ik deze wending in onze plannen niet in mijn inleiding heb vermeld. Evenmin als dat wij eigenlijk van plan waren richting Berlijn te gaan en deze stad en wijde omgeving te verkennen.
Een optreden van het Hoorns Byzantijns Mannenkoor, waar al zo ongeveer vanaf de oprichting deel van uit maak, was de aanleiding om de plannen te wijzigen.
Op zondag 25 mei zou het HBM een gezongen bijdrage aan een kerkdienst leveren en een middagconcert verzorgen en daar wilde ik ook bij zijn. Bovendien waren we al heel wat jaren door en naar Duitsland met vakantie geweest, zelf trok Engeland als jaren aan ons als fietsvakantie-bestemming en als we dan eens van Tessel naar IJmuiden zouden fietsen was de overtocht naar Newcastle al een vakantie op zich. Zodoende.
Zoals gezegd het was prachtig weer, alleen de straffe noordooster zou ons misschien parten kunnen spelen, fietsend door het weidse West-Friese en Wieringermeer-landschap.
Geheel in overstemming met de genoemde verwachting aangaande de verwachte tegenwind, kwamen we toch al binnen enkele uren bij de boot naar Texel aan.
Toch een prima start van de vakantie en als je dan evengoed een kruissnelheid van rond 21 kilometer per uur, dan zijn wij niet ontevreden. Zeker als je in aanmerking neemt dat wij met als onze kampeerspullen op de fiets en onze bobaanhanger, behoorlijk aan de vracht zijn.
De boot was natuurlijk net weg, maar we waren niet de enige die de boot gemist hadden, gezien het getal aan wachtenden voor ons.
Omdat we inmiddels wel trek hadden gekregen besloten wij een poging te wagen iets te eten te scoren bij een snackbar, maar toen ik me aansloot bij de lange rij wachtenden voor me en het weinig efficiënte manier van handelen van de eenzame dame die zich bezig hield met het verhitten van de te frituren producten het opnemen en betaling van bestellingen, bedacht ik me dat onze eetlust, wellicht toegenomen, sneller zou bevredigd worden aan boord van de boot.
Gelukkig duurt wachten nooit zo lang al het lijkt en konden wij na verloop van tijd aan boord gaan en in de restauratie ons een kom lekkere soep met een lekker broodje een plek zoeken om dit te nuttigen.
Zoals een ieder weet, die al eens met de boot naar Tessel is gevaren, zetten we al snel voet aan wal op dit
Waddeneiland.
"De wind van voren krijgen, kent u die uitdrukking?" zou dominee Gremdaad vragen.
Nu wij kregen ook dan de wind van voren, maar dan letterlijk!
Hadden wij op het vaste land nog met succes de noordooster kunnen weerstaan, hier op Tessel had men er nog een schepje bovenop gedaan.
"Potvolblommen", zou mijn moeder, netjes als zij was zeggen. Ik echter uitte mij in minder verbloemende woorden tot God den Heer. Hoewel ik door voor het fietspad langse Waddendijk te kiezen op enige luwte had gehoopt, kwamen wij bedrogen uit en scheen het, dat wij bovendien nog een kudde schapen op sleeptouw hadden genomen.
"Ja", zullen de Tesselaars wel zeggen,"het waait hier altijd harder".
Betrouwbaar volk, die eilanders, want het klopt!
Hoopvol speurde ik de horizon af op zoek naar bosjes op het Hoge land en de toren van Den Burg, want daar ergens zouden wij graag onze tent opzetten!
Gelukkig is Tessel niet zo groot als Engeland dus kwamen wij uiteindelijk in de buurt waar wij de boerencamping vermoeden die wij jaren geleden al eens met een bezoek hadden vereerd.
Deze camping bleek niet meer te bestaan, maar een vriendelijke bewoner wees ons weg naar een andere camping die wij na een kwartier, of zo, opreden.
Wij kregen de beschikking over een groot grasveld door struiken omzoomd, hetgeen wij slechts hoefden te delen met ouder echtpaar in een caravan. Helaas boden de struiken, tegen onze verwachting in, minder beschutting. Ik prees mezelf gelukkig iets zwaarder te zijn dan ik op basis van mijn lengte mag zijn van minister Klink, want dan had ik waarschijnlijk Engeland per tent bereikt. Uiteindelijk kregen wij onze tent onder bedwang en met extra scheerlijnen en evenveel pennen in de keileembodem bleef het bij een hoop geflapper, hetgeen Tiny behoorlijk uit haar slaap hield.
Niet dat we gelijk zijn gaan slapen, om te beginnen gingen we nog wat inkopen doen in Den Burg, daar hadden we nog volop gelegenheid voor, zo rond een uur of drie.
We dronken voorts op het terras van de bioscoop annex horecagelegenheid (of is een bioscoop ook horeca?) nog een Tessels tripeltje.
Later op de avond keerden wij nog terug om in een eetcafé nog een paar consumpties te genieten.
Maar morgen weer bijtijds weer op, want zingen, dan niet doorzakken!


Westfriese stolp in Aartswoud
Sijbekarspel NH-kerk